Alles wat je nodig hebt om deze oefeningen te kunnen doen, is een stoel of je aanrecht, een handdoek en een lege muur. Nog een paar dingen om goed te onthouden:

  • haal rustig en gecontroleerd adem;
  • span je core-spieren aan, maar niet zo strak dat je je adem in gaat houden;
  • houd je wervelkolom recht;
  • maak draaiende bewegingen met je taille, niet met je schouders;
  • buig vanuit je heupen naar voren, niet vanuit het midden van je rug.

Oefening 1: open je bovenlichaam

Deze oefening kun je doen waar je maar wilt. Ga op een stoel zitten met je armen voor je op schouderhoogte. Bal je handen tot vuisten en laat ze elkaar voor je borst raken, terwijl je ellebogen naar buiten wijzen. Open nu je borst door je ellebogen zo ver naar achteren te bewegen als je kunt. Ook je handen bewegen mee. Daarna beweeg je weer naar voren. Stop nu niet op het punt waar je handen elkaar weer raken, maar beweeg ze nog wat verder naar je schouders toe. Buig je hoofd voorover in de driehoek die je ellebogen hierbij maken.

Oefening 2: open je borst en schouders

Ook bij deze oefening zit je op een stoel, met in elke hand boven je hoofd het uiteinde van een handdoek. Je armen vormen een V. Je voelt nu een lichte stretch in je borst en je schouders. Probeer ook de variatie waarbij je de handdoek achter je rug houdt terwijl je met je armen een omgekeerde V vormt.

Oefening 3: de halve hond

Misschien heb je de oefening weleens voorbij zien komen – of zelfs geprobeerd – waarbij je met je handen tegen de muur staat en dan naar achteren loopt. Dit staat in yoga bekend als de dog pose. Ziet er behoorlijk lastig uit, toch? Gelukkig kun je het jezelf ook een stuk makkelijker maken. Ga een stukje van de muur af staan en plaats je handen plat tegen de muur, ongeveer op heuphoogte. Buig vanuit je heupen voorover en loop naar achteren waarbij je armen gestrekt blijven en je rug recht. Blijf naar beneden kijken terwijl je doorgaat tot je lichaam in een hoek van 90 graden staat. Toch nog een beetje te zwaar? Ga dan wat dichter bij de muur staan en plaats je handen wat hoger.

Oefening 4: zittend vooroverbuigen

Deze oefening is ideaal voor iedereen die jaloers is op mensen die met hun vingertoppen moeiteloos hun tenen kunnen aanraken. Door deze oefening wordt je onderlichaam flexibeler. Sla een handdoek om je linkervoet heen en pak met elke hand een uiteinde vast, terwijl je rechtop zit. Buig je rechterknie en plaats je rechtervoet zo hoog tegen je linkerbeen als maar lukt. Buig nu vanuit je heupen naar voren en houd deze positie even vast.

Oefening 5: balans

Yoga gaat niet alleen om lenigheid, maar ook om balans. Wil jij aan je balans werken? Doe dan deze oefening, eerst met behulp van een stoel en zodra je meer zelfverzekerd bent zonder stoel. Ga rechtop staan met aan je linkerkant een stoel. Sta je helemaal rechtop en ontspannen, met je ogen op de horizon gericht, je schouders losjes en in een rechte lijn met je heupen en je voeten stevig op de grond? Til dan, terwijl je met één of beide handen de stoel vasthoudt, je rechtervoet een stukje van de grond op en houd dit drie tot vijf ademhalingen vast. Plaats je voet daarna weer op de grond en herhaal deze oefening een paar keer. Wissel daarna af door je linkervoet van de grond te tillen.

Bron: Greatist

Foto: Shutterstock

  • Datum: 20-12-2016
#Bewegen

Lees ook