Commissie De Vries: veel actievere bestrijding seksuele intimidatie en misbruik in sport noodzakelijk

Commissie De Vries: veel actievere bestrijding seksuele intimidatie en misbruik in sport noodzakelijk

Seksuele intimidatie en misbruik in de sport komt vaak voor en het is dringend noodzakelijk dat sportclubs snel veel meer gaan doen aan de vele incidenten en het voorkomen daarvan. Dat concludeert de Onderzoekscommissie seksuele intimidatie en misbruik in de sport, geleid door voormalig minister Klaas de Vries. Op dinsdag 12 december presenteerde de commissie haar rapport met bevindingen op basis van onderzoek dat in het voorjaar begon.

Cijfers

De cijfers die het onderzoek opleverde, laten weinig aan duidelijkheid over. Twaalf procent van de sporters heeft als kind ten minste een ervaring met seksueel grensoverschrijdend gedrag. En bij zo’n 4 procent is zelfs sprake geweest van aanranding of verkrachting. In meer dan 40 procent van de gevallen van seksueel misbruik of intimidatie in de sport worden medesporters genoemd als pleger en de leeftijd waarop de eerste ervaring met seksuele intimidatie en misbruik plaatshad, ligt in 75 procent van de gevallen onder de zestien jaar.

De commissie, die namens NOC*NSF de gehele problematiek omtrent seksuele intimidatie en misbruik in de sport onder de loep nam, sprak zelf met 30 slachtoffers en kreeg 103 meldingen van misstanden binnen.

Verplichte melding

‘Meldingen over seksuele intimidatie en misbruik in de sport leiden niet vaak tot effectieve vervolgstappen. Meldingen bij verenigingen leiden slechts bij uitzondering tot bestuurlijke maatregelen. Van het gebruik van de tuchtrechtspraak wordt meestal afgezien en het aantal tuchtrechtelijke maatregelen en sancties is daarom gering.’ Het is een aantal heldere conclusies dat dinsdag ook letterlijk wordt verwoord in een persbericht van de onderzoekscommissie.

En zo worden er meer harde noten gekraakt en op basis daarvan ook enkele kraakheldere aanbevelingen gedaan. Als het aan de commissie ligt, moet het melden van seksuele intimidatie en misbruik in de sport verplicht worden. Alle leden van sportverenigingen die kennis krijgen van een geval van seksuele intimidatie of misbruik, moeten dat melden bij het bestuur van de sportvereniging. Valt een geval niet onder tucht- of strafrecht, dan moet het verenigingsbestuur, eventueel in overleg met het bondsbestuur, de zaak afhandelen en moeten er ook passende maatregelen volgen.

Vertrouwenspunt Sport moet anders

Verder stelt de commissie dat het Vertrouwenspunt Sport zoals het nu bestaat, niet goed functioneert. Het Vertrouwenspunt Sport (en zijn voorgangers) is nu meldpunt én vertrouwelijk adviseur en dat is een verwarrende combinatie. Advisering over emotionele, praktische en juridische  ondersteuning van slachtoffers moet de taak worden van een onafhankelijke, professioneel geleide en toegeruste organisaties, zoals Slachtofferhulp Nederland. Én In de sportwereld bestaat behoefte aan een beleids- en kenniscentrum op het gebied van seksuele intimidatie en misbruik dat ook een adviserende, ondersteunende en activerende rol vervult richting NOC*NSF en de sportbonden.

Meer informatie

Hier op Sport.nl/Voorclubs is onder het thema Seksueel Overschrijdend Gedrag meer informatie te vinden over het Vertrouwenspunt Sport, preventieve maatregelen op de club, het belang van een Verklaring Omtrent Gedrag en meer om als sportvereniging goed en adequaat te handelen op het gebied van seksuele intimidatie en misbruik.

Vond je dit artikel nuttig?

Ik kon hier wat mee / dit was niet nuttig (1) (0)